Ben C. O. Grimm

Reactieve Gedichten


Gedurende enkele maanden in 1996 werden diverse Nederlandstalige nieuwsgroepen geterroriseerd door een zelfbenoemde huisdichter, Peter Kuyper. Zijn gedichten waren doortrokken van God en Gebod, met reepjes Boeket-reekslyriek. Vriendelijke verzoeken om met deze wangedrochten te stoppen waren niet aan de auteur besteed; de tegenaanval bestond vervolgens uit het alternatieve Gedicht van de Dag. Ze zijn hieronder aan de rechterkant te vinden. De originele (in slechts een enkele betekenis van het woord) gedichten staan aan de linkerkant.

Tot mijn niet geringe verbazing duiken de gedichten ter linkerzijde nu her en der op als serieuze liefdes/rouwpoëzie onder mijn naam ... hetgeen toch lijkt te indiceren dat er een hogere (wraakzuchtige) macht moet zijn ...

Een vriendelijk verzoek derhalve aan al diegenen die menen dat de gedichten ter linkerzijde op een andere dan satirische wijze op zichzelf kunnen staan: ik wil er liever niet voor gecrediteerd worden ...


LEER MIJ ...

Leer mij te accepteren
dat ik nog zoveel moet leren
dat er zoveel is wat ik niet weet
en er zoveel is wat ik nog vergeet ....

Leer mij om te vergeven
en om steeds weer te leven
leer mij om nietig te zijn
om te gaan met gevoel van pijn ....

Leer mij om in U te vertrouwen
op Uw woord mijn geloof te bouwen
leer mij vooral mijzelf te zijn
ook al ben ik in Uw ogen nog zo klein ....

Leer mij om het leven te beleven
om alle dagen naar het goede te streven
maar leer mij vooral vertrouwen te houden
en een toekomst op te bouwen ....

EN OP EEN DAG ... En op een dag ben je volwassen van rups ben je vlinder geworden en sla je je vleugels uit om nieuwe horizonnen te ontdekken .... De veilige cocon ben je ontgroeid het ouderlijk huis zeg je vaarwel volwassenheid is nu je deel de wereld is jouw domein ... Toch hoop ik dat je weer terugkeert naar het nest waar je leven begon waar liefde steeds je deel is en warmte op je wacht ....
DAGDROMEN .... In een lucht van azuurblauw even weer terugdenken aan jou, de herinnering weer beleven aan het voorbijgegane leven .... Weer de rozen zien bloeien de tomeloze liefde zien opgroeien, twee harten aan elkaar verbonden een taal die wij beiden verstonden .... Opnieuw weer kind mogen zijn de kleine angsten, kleine pijn, gedachten terug naar het verleden even, heel even los uit het heden .... Kleine herinneringen opnieuw beleven te lang vergeten, teveel gegeven, een moment om tot mijzelf te komen een enkel moment weer even dagdromen ....
ZOALS JIJ .... In de lijnen van jouw gezicht staat een verhaal geschreven, een verhaal van vreugde en pijn het verhaal van een heel leven .... Jouw handen op je schoot je tedere, warme lach, je grenzeloos vertrouwen in de nieuwe opkomende dag .... Je warme en stille berusting je liefde en oprecht vertrouwen, je grijze haren verhalen hoe het was een vrouw om van te houden .... Eens komt voor mij de dag komt de herfst in mijn leven, dan hoop ik dat ik ben als jij en mijn kinderen warmte zal geven ....
ER IS NOG ZOVEEL .... Er is zoveel te delen als we dit zouden willen, en niet eerst bezig zouden zijn onze eigen dorst te stillen .... Er is nog zoveel te geven we hebben al zo veel, maar ieder van ons wil meer dan zijn eigen deel ... Er is nog zoveel wat we zouden kunnen doen, maar we zijn zovaak bezig met ons eigen goede fatsoen .... Er moet nog zoveel gebeuren zoveel is nog niet gedaan, slechts door ons allen is er kans op een goed bestaan ....
LIEFDE .... Om iemand leren te geven oprecht van iemand te houden samen een leven op te bouwen is een beetje jezelf leren geven .... Om iemand te leren accepteren zijn fouten te kunnen vergeven samen naar oprechtheid te streven is iets wat je zult leren .... Om te houden van die ander zal zonlicht in je leven komen gewoon soms even wegdromen zonder dat jezelf verandert .... Om te mogen leven met elkaar en oprecht op elkaar vertrouwen is liefde meer dan van elkaar houden vormen we door regen en zon een paar ....
VRIJ ALS EEN VOGEL .... Als tranen je ogen zullen sieren, omdat ik mijn eigen weg moet gaan, ik op de drempel sta van een nieuw bestaan, laat mij je tranen dan drogen omdat ik in gedachten steeds naast je sta .... Als ik de laatste weg ga voel ik spijt noch pijn, omdat ik in gedachten dicht bij je zal zijn ....
SAMEN ... We spreken vaak een andere taal we horen niet wat de ander zegt, toch zijn we nog steeds samen omdat wij aan elkaar zijn gehecht .... We spreken vaak een andere taal we begrijpen elkaar soms niet en verzonken in eigen onmacht doen wij elkaar verdriet .... Ondanks onze verschillen blijven we steeds naar elkaar verlangen, want in het stilzwijgen tussen ons zit de ware liefde gevangen ....
IK ZAL ER ZIJN ... Als donkere wolken zich samenpakken boven jouw hoofd, je wilt even weg schuilen niemand die in je gelooft, dan zal er iemand zijn die naast je wil staan en je een arm zal schenken in jouw rusteloos bestaan .... Als tegenslag jouw deel is zal er steeds iemand zijn die heel dicht bij je staat die jou steunt in jouw pijn .... Als je verloren lijkt te zijn de weg die je ging loopt dood, is er de arm van een vriend die je helpt in tijden van nood ....
OCHTENDGLOREN ... In de eerste uren van de nieuwe dag, moment van ontwaken wacht op mij de lach van een stralende zon .... Ik voel de kilte van dauwdruppels, op het groene gras onder mijn voeten en ik weet mij even vrij .... Dat eerste moment van een nieuwe dag, tijd om te overdenken, om even te beseffen dat ik blij ben dat ik leef ....
IN STILTE ... In stilte zijn zoveel woorden gevangen zoveel gevoelens, zoveel intens verlangen In stilte ligt de warmte geborgen de intense hoop op een nieuwe morgen .... Woorden zijn overbodig slechts een arm om elkaar als steun in moeilijke tijd als een liefdevol gebaar .... In tijden van vreugde die tot het leven behoren zijn woorden overbodig, een klein gebaar zegt meer dan duizend woorden ....
GELOOF ... Geloof in de kracht van jezelf geloof in het elkaar vertrouwen geloof in de oprechte liefde Samen een toekomst opbouwen .... Geloof in de warmte die je elkaar kunt geven geloof in de oprechtheid het samen kunnen en mogen leven .... Geloof in harmonie waardoor verdriet verdwijnt geloof in een toekomst waarin de zon weer schijnt .... Geloof in het leven met elkaar, zij aan zij geloof in de oprechtheid maar bovenal geloof in mij ....
TRANEN .... Tranen ontsprongen uit jouw ogen vertellen over verdriet over stille pijn .... kleine parels over je lief gelaat vertellen over wat jij had willen zijn ... Tranen vloeiend uit je ogen vertellen over zonlicht de vreugde die jij beleeft .... de lach om je mond de warme, tedere liefde die jij zo vaak geeft ....
GELIJK EB EN VLOED ... Gelijk eb en vloed drijft het leven voorbij, soms drijven regenbuien over soms voel je een warme gloed .... Soms lijkt alles tegen dan voel je de droefenis, dan verschijnt de zon weer en verdwijnt de regen .... Gelijk eb en vloed gaan de jaren voorbij, en door het verstrijken der jaren zal blijken dat het zo zijn moet ....
IK WEET DAT GELUK .... Geef mij je hand, blijf even dicht bij mij. Samen met jou, voel ik me nu weer vrij. Jij bent de droom die ik nooit dromen kon, jij bent het licht, de warme morgenzon. Elke nieuwe dag is een bijzondere dag in mijn bestaan, en tot de morgen komt wil ik voor altijd naast jou staan.
MISSCHIEN .... Misschien ben ik een dromer die de werkelijkheid niet ziet .... Misschien ben ik een zwerver die van kleine dingen geniet .... Kleine dingen die ik steeds doe als een herinnering aan jou .... want jij bent nog steeds heel dicht bij mij voor altijd dicht bij mij .... Misschien zal ik de wind zijn die zacht door de bomen speelt .... misschien zal ik het kind zijn dat steeds weer de golven streelt .... zoveel dingen die ik nog niet deed simpel door gebrek aan tijd .... want jij was altijd dicht bij mij voor altijd dicht bij mij ....
MENS BEN JE ... Met al je dromen je verlangens je angst je verdriet ... Mens ben je ... met je zorgen je hoop je tranen en je lach ... Mens ben je ... Mens mag je zijn kind van het leven kind van morgen kind van vandaag KIND VAN HEM ...
ALS JE IN JEZELF BLIJFT GELOVEN ... Als je in jezelf blijft geloven zal de zon steeds weer opkomen zullen je zorgen weer verdwijnen is de nacht weer voor zoete dromen ... Als je het geloof in jezelf verliest lijken de dagen gevuld met regen komt er geen eind aan de nacht zal je steeds de vertwijfeling afwegen ... Ieder van ons beleeft het soms zijn er de dagen van pijn voel je de machteloosheid de dagen dat er tranen zullen zijn ... Maar als je blijft geloven dat morgen de zon weer zal schijnen dan zullen ook de donkere dagen eens weer verdwijnen ...
HET LEVEN ... Proef het leven voel de verwondering van elke nieuwe dag die jou is gegeven ... Aanschouw het leven voel haar hartstocht haar tomeloze energie die je mag beleven ... Leef alle dagen met de passie jouw gegeven met opgeheven hoofd opgewekt en zonder klagen ... Beleef de dagen steeds weer geniet van haar warmte zonder zorgen, zonder vragen in oprecht beleven van de dagen beleef je de passie elke keer ...
DOOR JE TRANEN HEEN ... ... zal je de zon zien schijnen achter een verre horizon zullen zorgen verdwijnen ... Door je tranen heen ... ... zal je vriendschap ontvangen ... de warmte van hartstocht omhelzen naar de toekomst mogen verlangen ... Door je tranen heen ... ... zal je blijven groeien ... blijven zoeken naar de weg en zal het leven blijven boeien ... Door je tranen heen ... ... zal je blijven dromen ... dat je tranen weg zullen vloeien en dat het ware geluk zal komen ...
IN ELK MENS ... In het samenzijn zit de warmte geborgen het verlangen en de hoop naar een nieuwe morgen ... In de stilte zit de gedachte gevangen de overdenking aan het verleden de toekomst met zijn verlangen In tranen zit vreugde en verdriet opgeslagen de pijn en het zorgeloos mogen zijn van zoveel verborgen dagen ... In elk mens zit stilte en tranen verborgen is het verlangen van samenzijn de hoop op een toekomst zonder zorgen ...
GEEF MIJ DE KRACHT ... ... om in dit leven te geloven ... om te kunnen blijven bloeien de donkere dagen voorbij te gaan en naar het licht toe te groeien ... Geef mij de kracht ... ... om de weg te betreden ... die mij naar het geluk leidt om mijn tranen te overwinnen terug te kijken zonder spijt ... Geef mij de kracht ... ... om te blijven groeien door het verloop van de dagen om mijn taak te blijven doen zonder steeds te klagen ... Geef mij de kracht ... ... om te zijn wie ik zijn mag ... in alle oprechtheid mens te zijn met mijn zorgen, hoop en verlangen met de vreugde en soms de pijn ...
KLEIN GEBED ... In zacht gebed vraag ik Uw liefde Uw raad en heel even Uw steun in tijden waarop het tegenzit Een schouder waarop ik soms leun ... Een woord van troost, een gebaar waardoor ik de weg weer vind en opnieuw het wonder beleef als door de ogen van een kind ... Soms ben ik vertwijfeld zoek naar een antwoord lijkt het of U, ondanks mijn vragen mijn stem niet meer hoort ... Maar zo vaak weet ik U dicht bij voel Uw aanwezigheid om mij heen en met het besef uw kind te zijn weet ik "ik sta nooit alleen" ...
GEVOELENS ... Gedachten over gevoelens geschreven op de vloedlijn met het opkomende water zullen de woorden verdwenen zijn ... Woorden gesproken in de wind zullen worden meegedreven zacht uitgesproken woorden vertellen over dit leven ... Tranen gestort in de regen tranen van vreugde en pijn zullen één worden met de regen tot ze verzonken in de aarde zijn ... Emoties van een mensenleven zullen voorbij drijven door de tijd één worden met de warme moederschoot verborgen blijven voor altijd ...
EEN MOMENT ... Een moment om te overdenken om dicht bij elkaar te schuilen samen vreugde en verdriet te delen soms zacht uit te kunnen huilen ... Zomaar het moment van samenzijn de warmte in elkaar beleven het besef "je staat niet alleen" er is iemand die je liefde zal geven ... Zo'n kostbaar moment waarin je weet dat leven zoveel vreugde schenkt al valt er soms zware regen er is steeds iemand die aan je denkt ... Dat moment waarin wij samen staan onze liefde samen zullen beleven onze dromen met elkaar delen in alle eenvoud om elkaar mogen geven ...
SAMEN ... ... zullen wij de rotsen trotseren leren naast elkaar te staan de waarden van dit leven leren mateloos in elkaar opgaan ... Samen ... ... zullen wij één zijn elkaars gedachten zullen boeien verzonken in elkaars lichaam de wilde rozen zien opgroeien ... Samen ... ... naast elkaar kunnen staan elkaar troosten, elkaar vertrouwen in oprechtheid blijven streven een nieuwe toekomst op te bouwen ... Samen ... ... de wereld kunnen inzien ... met elkaar door mogen gaan liefde en vriendschap aanvaarden één zijn in elkaars bestaan ...
KLEIN BEN JE .... Klein ben je mens in een grote wereld opgenomen met je verlangens, je wensen met je gedachten, je dromen ... Klein ben je mens maar groot is je hart verborgen achter een masker ligt jouw vreugde en je smart ... Groot is je aanwezigheid de liefde die je zult geven de warmte die je uitstraalt in heel je aardse leven ...
IEDER DRAAGT SOMS EEN MASKER ... Ieder draagt soms een masker van zoveel onverschilligheid niemand zal de tranen zien van jouw gevoelens van spijt ... Ieder draagt soms een masker met daarop een grimmige lach terwijl je hart moet huilen je angst voelt voor de nacht ... Het lijkt niet mogelijk om jezelf te kunnen zijn je tranen te laten zien je gevoelens van jouw pijn ... Maar als je de mensen om je heen ziet en je laat je ware gezicht zien leert te luisteren en te praten dan ben je minder eenzaam misschien ... Als je ziet dat een ieder soms eenzaam is je arm spontaan om iemand heen slaat en je leert je masker af te doen dan is "leven" zoveel meer waard ...
LAAT MIJ ... Laat mij even weer de liefde voelen in stille woorden opnieuw begrijpen wat wij met gevoelens bedoelen ... Laat mij weer even het kind in mij beleven 'het kind dat voorbij dreef zonder dat ik het besefte het kind dat warmte kon geven ... Laat mij weer even schuilen in jouw armen alles lijkt soms zo koud zo intens leeg, zo stil ik zou zo graag weer verwarmen ... Sla je arm om mij heen loods mij door het donker heen tot de nieuwe dag weer aanbreekt het licht mij weer bereikt en ik mij zal beseffen ... .... Ik sta niet alleen ...
ALS IK MORGEN .. Als ik morgen de zon niet meer zal zien en mijn hoofd zal buigen de poort van onsterfelijkheid betreed zal ik even omkijken en iedereen die ik achterlaat een laatste groet schenken ... Als ik morgen het pad zal betreden wat mij leidt naar het licht zal ik even omzien de gezichten in mijn gedachten opnemen van een ieder die aan mij zal denken ... Als ik morgen dit leven zal moeten verlaten en voor Hem zal moeten staan zal ik even naar beneden kijken en met een licht gevoel van weemoed zal ik mijn geliefden blijven herdenken
STEEDS WEER ... Steeds weer zal je zien dat het donker van de nacht verandert in het licht van de dag droefheid verdwijnt in een lach ... Steeds weer zal je beleven dat de pijn van vandaag de berusting van morgen is dat er geen antwoord bestaat op al je onbeantwoorde vragen en dat het geheim van het leven verborgen blijft tot in lengte der dagen ... Steeds weer is er de verwondering over de dagen die nog komen gaan telkens zal je nieuwe gevoelens beleven zolang je in dit leven zal staan ...
MIJN KIND ... Eens zul jij groot zijn op eigen benen staan dan zet jij je stappen naar een nieuw bestaan .... Eens zul jij groot zijn dan is het 'kind-zijn' voorbij bouw je aan je eigen leven, met een ander aan jouw zij .... Eens zul jij 'volwassen' heten dan trek je je eigen lijn en hoop ik dat je in je hart weet dat ik er altijd voor jou zal zijn ....
GOED GELOVIG ...

Ja, doet u mij de Petruszalf!
Bevat het stukjes gouden kalf?
En keert daardoor mijn haardos weer?
U overtuigt me keer op keer!

En geef me ook de Wondermest!
Ja, is dat echt zo goed getest?
En zal mijn tuin vol bloemen staan?
Uw woorden staan me heel erg aan!

Ja, graag ook de Mirakelhark!
Maakt dat van mijn gazon een park?
En zal mijn buurman mij benijden?
Uw uitleg zal ik niet bestrijden!

Verkoopt u ook de Goede Fee?
Ga ik daadwerk'lijk eeuwig mee?
En wordt mijn bidden echt verhoord?
'k Vertrouw kritiekloos op uw woord!

HUISRAAD ... Zeg jongen, kom eens hier Je spullen staan op straat Je bent een grote vent 't Wordt hoog tijd dat je gaat Nee, huilen heeft geen zin Je ma en ik zijn moe Gesappeld hebben wij We zijn nu aan rust toe Maar jong, onthou dit goed: We zijn oprecht en puur Kom snel weer bij ons terug En haal je troep dan uit de schuur
DAG DROMEN .... Er klinkt gejuich uit duizend kelen Het is een eer om hier te spelen Men roept mijn naam daar aan de kant Ik oogst veel lof in stad en land Met speels gemak trap ik de bal Mijn vierde doelpunt is dit al De wedstrijd is nog niet gedaan We hebben nog een helft te gaan 'k Slalom, kap en draai, passeer De doelman raapt de bal alweer Het stadion staat op zijn kop We rollen alle ploegen op Mijn buurman tikt mij op de rug Hij komt met bier en koeken t'rug Zijn 100 man een legioen? Ooit wordt Excelsior kampioen!
HORS CATEGORIE .... Het ruikt hier naar ammoniak 'k Dwaal al snuivend door de gang Heeft poesjelief weer stout gedaan? Wiens schaduw is dat tegen't behang? Ik glij pardoes een meter weg En kijk met afschuw naar mijn voet Een Tena Lady-slip verraadt Dat Oma's blaas't niet goed meer doet Ik bel meteen naar het tehuis En meld dat oma is ontsnapt De zuster zucht, 't komt vaker voor Ze zegt dat het wordt opgeknapt 'k Ontloop mijn oma's kleffe zoen En duw haar naar de buitendeur De zuster neemt haar bij de arm Ik dweil de gang met dennengeur
SMELLS LIKE TEAM SPIRIT .... Toe jongens! Niet meer kiften! Zeg, pak die goudstaaf aan! We moeten ons echt haasten De plisie komt eraan! 'k Besef onder het graaien: "Mijn makkers deugen niet ..." Ze eisten al hun deel Tijdens't knallend dynamiet 'k Geef diamanten door Ze vallen op de grond Twee maten raken slaags De buit vliegt in het rond Er gaat veel tijd verloren ... Daar is't rechercheteam! En 'k moet droef constateren: "Die hebzucht is een crime ..."
'T SPLIJT ME .... Krakend zijgt de bank ineen 'k Hanteer begaafd de cirkelzaag "Wie welke helft?" is nog de vraag Klief eerst maar door de stoelen heen 'k Hield van jou, een jaar of twee 'k Vergaf je ontrouw en geklaag en trapte in je hinderlaag Maar doe nu niet meer langer mee De boedelscheiding trof mij diep Je hebt er niet aan meebetaald Hebt niets gegeven, slechts gehaald Gaf wel aan and'ren, in't geniep Straks rijd je voor met imp'riaal Om jouw helft grijnzend in te pakken Nog snel die kast in mootjes hakken Dan mag je't hebben, allemaal
EEN RIJK LEVEN ... Kijk ze nou zitten, rond 't bed Waar ik mijn laatste zucht afwacht Ze kijken somber en oprecht Maar hebben geld in hun gedacht' Ze zien de tranen in mijn oog En veinzen leed en grote smart Maar 't is van't lachen dat ik ween 'k Ga straks breed-grijnzend van hun heen Ze krijgen geen van al een part Mijn geld is op, tot op de cent Aan drank en vrouwen, ranzig, ja ... 'k Heb veel gelachen, tot 't end 't Zit erop, ik denk da'k ga ...
GRENSGEVAL ... We zijn geboren op de grens Ik in Noord-Siam, hij in Zuid We zijn een tweeling, zitten vast in onverbiddelijke huid De Siamese wet is streng Hij leert een and're taal dan ik 'k Versta geen fluit van wat hij zegt 't Accent van Zuid is nogal dik We gaan gelukkig nergens heen 'k Mag niet naar Zuid Hij niet naar Noord De bilnaad stevig op de grens D'hoofden zoekend naar een woord
DE ARMENZORG ... De zuster tikt me in't gelaat Ik krijg mijn ogen amper open De kamer is gedimd verlicht Ze vraagt of ik al wat wil lopen Ik vraag me af: "Wat doe ik hier?" Maar langzaam kom ik weer wat bij Ik werp een steelse blik naar rechts En zie de leegte naast mijn zij De dokter meldt zich aan 't bed Hij spreekt van 'moed' en 'heldendaad' "U hebt haar lief", verzucht hij zacht 'k Ben in staat tot "Inderdaad ..." Zij zuchtte zeker al tien jaar: "Twee linkerhanden, 'k deug voor niets!" Mijn rechterarm heb j'er nu bij 't Is even wennen op de fiets
KLATERGOUD ... Ik knijp mijn ogen Tegen 't licht Dat zich door 't raam In mijn gezicht De bode noemt van deze dag 'k Wil niet naar buiten Angst regeert Waar mensen lopen, Haat, begeert' 'k Schud de wereld van mijn rug Ik trek de dekens over 't hoofd En staar in 't schemerige niets Van de straat klinken geluiden Vast scholieren op de fiets Stilte wil ik! Duister! Dood! Maar 'k moet eruit, 'k heb hoge nood ...
ECHO ... Je denkt: "Is DIT nu zo'n raar deja-vu?" en weet: "Dit IS nu zo'n raar deja-vu!" En dan: "Is dit WEER zo'n raar deja-vu?" En ja: "God, alweer zo'n RAAR deja-vu!" Terwijl je het denkt Daagt plots het idee: "Wat gaat zo'n gedicht toch lekker lang mee" Je denkt aan een koe herkauwend en lui Met slechts een besef van het nu ... 't oogt vaagjes bekend, en dan dringt het door: Godsamme!! ALWEER deja-vu ...
HAPPY HOUR ... Geloof dat ik nu braken moet Geloof dat ik 't niet meer hou Geloof dat zich mijn maag omkeert Bah, zure boertjes, moet dat nou? Geloof da'k het toilet nog haal, dat ik me nog beheersen kan Geloof da'k met een diepe zucht Het noodlot even nog verban ... Geloof dat ik de pot reeds zie Misschien ben ik te optimistisch Geloof in uitstel door gekreun Maar voel me nogal peristaltisch Geloof dat ik toch al een tijd Geen schijfje peen gegeten had ... Maar stap nu, duid'lijk opgelucht Met Truus en wodka in het bad ...
TUITEN .... Je snottert en jankt Hoe wreed sneeft de ui Het sap dient tot wraak Het prikkelt en brandt ... Je knippert en snuift en veegt met je hand zodat bijtend spul in d'ogen belandt ... Je vloekt en je zucht Verwenst 't etensmaal Het eind is in zicht Geprakt is de rakker ... Je opent de pan Je stem klinkt vol wraak: "Now, go burn in hell, motherfucker ..."
EEUWIG OP VAKANTIE ... Ik schepte als bezeten, 't zand vloog in het rond Paniek, verbazing, kreten, toen ik een Duitser vond Hij lag daar, stil en vredig, "Die Zeit" over zijn hoofd 'k Begreep meteen volledig hoe 't lichtje was gedoofd De krant was uit het jaar dat 't strand werd opgespoten "Zijn grafkuil graaft hij daar..." Heeft 't Lot toen wreed besloten
DE SLEUTEL TOT DE LIEFDE .... Loop met mij mee Dit is het einde van je straf Geef me je handen Dan doe ik je boeien af Kijk naar je cel Waar we gelukkig waren Na 't avondappel Jouw hand in mijn haren 'k Zal je missen, beste vent Je was de liefste delinquent Een brute beer met zachte handen Wil je me beloven Gauw weer een tasje te roven Om opnieuw in mijn cel te belanden?
ACHTER DIE BOOM 'k Loop met je lijk te sjorren De jutezak is zwaar Hoe ik ook loop te morren voor jou is't pas echt naar Een spade om te graven en 'k sterruf van de kou Misschien daar in de vijver maar drijven zal je toch je blijft een klerejoch 'k Duik snel in de struiken Er komen mensen aan Die kan ik niet gebruiken Straks geven ze me aan Misschien achter die boom De grond is lekker zacht ... Je grijnst daar op je rug 'k schep gauw het zand weer t'rug
DOOD GA JE ... Met je tandhalscaries je nierstenen je liesbreuk je nekkramp ... Dood ga je ... met je scrapies je hernia je reuma en je meniscus ... Dood ga je ... Dood kan je gaan kramp in je lever kramp in je benen kramp in je maag BEDANK HEM ...
GELUK IN DE AFVALOVEN ... 't Is warm hier in de oven nou ja, dat was verwacht verpletterende pijnen wat had je dan gedacht? De vlammen zijn oranje ach, wat een kleurenpracht verkolen zonder franje de ovenmeester lacht Ik zwaai eens door het luikje zijn brede grijns licht op hij schudt eens met zijn buikje en stookt nog maar eens op De duivel is knap overstuur mijn vel verschiet van tint maar ik roep vrolijk uit het vuur dat ik het lekker vind ...
VAN MAMMON De dagen smaken bitter ze rijgen zich aaneen mijn zwarte geld wordt witter ik sluis het ergens heen Verveling maakt zich meester van 't eiland waar ik ben 'k ben normaal geen feester kijk liever naar de yen 'k heb nogal wat verduisterd ten koste van de chef maar zit nu vastgekluisterd in dit klimaat, zo klef nee, vreugde bracht 't niet 'k wil nou wel weer eens friet miljoenen op de bank vrouwen, zon en drank maar teruggaan kan ik niet ...
KUCHEND VAN DE ROOK ... ... zie je daar je flatje branden de brandweer giert het hoekje om verterend vuur klimt langs de wanden ... Kuchend van de rook ... ... denk je aan 't nacht'lijk braden van kalfskroketten en sate die nu in schuimend water baden ... Kuchend van de rook ... ... staar je naar je was, net droog die okselfris aan 't rekje hing in deeltjes as stijgt zij omhoog Kuchend van de rook ... ... naakt en kleumend en verschrikt aanvaard je dankbaar mijn betoog: "'t Wordt pas koud als't niet meer fikt"
... SCHUILT PLAGIAAT In de warmte Zitten hoop op morgen En het nieuwe samenzijn In verlangen verborgen In de toekomst Zit de gedachte aan 't verlangen De stilte van de overdenking In het verleden gevangen In vreugde Mogen pijn en zorgeloze dagen In verdriet verborgen zijn In zo veel tranen opgeslagen In elke stilte Zit een samenzijn zonder zorgen De tranen van de toekomst Verlangen een mens, in hoop verborgen
IK HEB EEN KLACHT ... ... over uw combibraadgrilloven die veel te hard gaat gloeien mijn kleding gaat eraan door't onverwachte schroeien Ik heb een klacht ... over uw Perzische kleden: niet gewoon meer hoe het slijt! En zelfs al ligt het binnen, 't is nu al vaal en vol met mijt Ik heb een klacht ... ... over uw gekke koeien, die over't hek om Domo vragen. Hoe ik ook wijs op't gras, zo groen, ze blijven aan de gang, al dagen En nu heb *ik* een klacht ... ... over't klagen, elke dag. Zeg, kan dat nu eens over zijn? kunt u nou nog meer verlangen? Zult u wel ooit tevreden zijn?
FIJN NAAR BED ... In 't zachte bed ram ik uit liefde Met mijn heupen, 'k hoor een kreun Terwijl je zwetend op me zit In extase geef je me een dreun ... Een rillend lijf, woest golvend haar Je doet wat ik zo lekker vind En dan zeg je, je hoofdje scheef: "Kijk uit! D'r uit! Ik wil geen kind ..." Ik aarzel even, licht vertwijfeld 't Wordt nu toch echt kantje boord Zal ik snel om een touwtje vragen Waarmee de lozing wordt gesmoord? Hoe vastberaden red je mij Een bloempot doe je eromheen Het beddegoed blijft schoon, da's fijn Maar waar moet nou die potplant heen?
LONKEND PERSPECTIEF ... Je legt een arm om mijn gemoed Het klotsend leed in stil verdriet Verlangen heeft de pijn vergoed Die brandt als kluitje in het riet O, scheut van pijn, o barenswee! Hoe klim ik uit het tranendal Verzengd door smart, mijn Piggelmee De hoogmoed trapt weer in de val Ik pleng wat af, de sluizen wijd De koorts maakt amok in mijn hart Het Lot dat smaakvol in mij bijt Lijkt door het droef geween getart Ik wil weer zijn waar ik ooit was De kraaien krassen in de ra Ik ben benieuwd of ik nog pas Hoe zoet lokt moeders vagina
DE LADING ROEPT ... In het scheepsruim van mijn leven Ben ik godd'lijk stuwadoor Leed en pijn in d'achtersteven Vreugd' en liefde gaan naar voor De baren van de levenszee Zij doen mijn scheepje angstig rollen Hoe ik ook sjor, de boel schuift mee Ik loop er achteraan te hollen Colli tranen, dozen smart Ik bind ze snel weer aan een buis Daar gaat weer een emmer snot 'k Voel me ziek, ik wil naar huis Maar dan dringt het weer tot me door Ik ben al thuis, dit is mijn leven Hoe ik ook sloof als stuwadoor Dit laadruim is een godsgegeven ...
MORGEN ... ... zullen wij eens dichten leren Nu sluit het ritme nog niet aan Het metrum laat zich niet beheren 't Klinkt als janken naar de maan Morgen ... ... Zal ik er eentje componeren Een vers dat u met stomheid slaat En durft u dan nog te beweren Dat mijn parkiet me ruim verslaat? Morgen ... .... Vestig ik mijn naam Die Vondel kan aan mij niet tippen "De maan beschijnt mijn vensterraam" Wie kreeg dat ooit over zijn lippen? Morgen ... ... zal de wereld mij beschouwen Als Neerlands literaire hoop De LOI kunt u vertrouwen Die cursus was niet echt goedkoop ..
CALIMERO-NERD Zij zijn groot en ik is klein De wereld is vol onbegrip Wat moet het toch geweldig zijn Een mens te zijn en niet een kip De halve eischaal op mijn kruin Behoedt mij voor 't grote kwaad 'k Durf niet verder dan de tuin Erbuiten vind je niets dan haat Zo zit ik hier, ik zie geen moer De eischaal hindert bij 't zien Maar niemand draait mij zo een loer Wat ik niet zie kan mij niet zien
HET STRAND VAN MADEGASKER ... Het gouden strand van Madegasker De open zee, oneindig wijd Ik lig hier graag een uur of tien Meteen aan't bier na het ontbijt Het fijne zand van Madegasker Met daarop een Grimm met lach Traag krabbend aan muskietenbuilen Infecties had ik niet verwacht Het lijkt onooglijk Om een wrattenzwijn te zijn Je etterbulten laten zien De pus in plasjes op het plein Maar als je in een tremens schiet En artsen laten zich niet zien Dan worden puisten allengs gaten En roep je 's nachts om TV10 Maar nu ik in de wasbak pis Mijn vel hersteld van pest en vraat Dan wil ik Madegasker zo weer doen 'k heb nu geen geld, wellicht in maart
ALLEEN, ALLEEN MET AL MIJN VERDRIET 't Is beter dat ik nu geen mensen zie Niemand niemand niemand Die mij troosten kan Ik verloor mijn toekomst en mijn doel Alleen met geit en balen hooi Het staartje kriebelt in mijn buik Wat is het leven machtig mooi Hoe sierlijk staat de bokkepruik De wolven janken in de nacht De maan schijnt door de bomen De vogels met hun verenpracht Ik moet mijn pak nog laten stomen Dat is een mooie klus voor Palthe De perchloor komt je tegemoet Ha! Weer de TROS, nu met Der Alte Het geitje slaapt voldaan en zoet Ferme jongens, stoere knapen Goedgemutst en onvervaard Een handje Valdispert, dan slapen Een dichtklus is toch gauw geklaard..
ZO NIET, DAN TOCH .. De hond blaft De karavaan trekt verder Mijn boek gekaft De heer is mijn herder In de hemel is geen bier Dus drinken wij het hier Gegarandeerd gezellig Een broertje dood Aan cliche's In het avondrood bij tante Trees Drink ik Blookers Cacao Verdomde heet, dus dat doet au Het stamboekvee Bemest de weide Het zit niet mee Verzuurde heide Mijn roep naar God klinkt door 't bos Vanavond Derrick bij de TROS
NOOIT WEER ... Het braaksel op mijn kussen Donk're vlekken op mijn wang Verandert in zuur genot Verdwijnt niet in de was ... Ik mag het weer beleven De stormen in mijn maag De koppijn deze morgen is in paracetamol gedrenkt Vragen blijven onbeantwoord Het dringt niet door Ik drink maar door tot in lengte der dagen ... Steeds weer trilt mijn hand Zou het nog over gaan Telkens weer begint dat beven Maar dat Gedicht van de Dag blijft bestaan ...
ZEG, PA ... Veeg die tranen uit je ogen 'k Ben toch echt al veel te groot 'k Heb in 't geheel geen mededogen Je hebt m'n kindertijd verkloot M'n kamermuur hing vol gedichten Elke dag kwam er een bij 'k Ga al die tegeltjes nu lichten Spreuken, rijmpjes, 't is voorbij Staar niet mismoedig in 't vuur Da'k in de tuin heb aangelegd Met al't verkolende glazuur Heb ik mijn jeugd vaarwel gezegd
Nu ik *zo ontzettend veeel* inspiratie heb gekregen van uw aller
dichter Kuyper verwaag ik mij te verstouten tot het karnen van een
eigen gedicht.  Ik zal pogen Peters zeggingskracht en beeldend
vermogen te evenaren, maar betwijfel of dat mogelijk is.  't Is
(een) vrij vers, mag dat?

LAMENTABELE JEREMIADE ...

Traag wenend klapwiek ik mijn armen
door de gesmolten boter van 's levens vloot
die, door de lentezon beschenen,
goudgeel kolkt onder mijn borst ...

Ik wend mijn droeve blik naar de hemel,
alwaar het in de wolken geschreven is,
het licht wurmt zich in kosmisch alfabet,
uit zich in sprekende schaduwen tussen 't licht ...

Mijn hoofd bevat de spottende weerklank
van ge-etste herinnering zonder gezicht,
het stof der eeuwen kruisigt mijn God,
alles in het leven duurt maar even ....

Mijn gemoed verkilt mijn triest bestaan,
ik vat mijn hoofd in dorre takken,
het geschreeuw van de wrekende fenix,
weerklinkt ijlend in mijn kerker!

Zal ik ooit rust kennen, aardse hel?
Het kolkend lava, magma, smegma,
braakt in het gezicht van de dageraad,
hult de aarde in een vaalgrijs kostuum ...

Zo nadert de zonnewende van mijn bestaan,
een plunderende orkaan van zielekracht,
ik ga tenonder in een vuist van lawaai,
en slinger een kreet in 't onverschillig heelal ...

In 't wenkend graf wachten de wormen,
in hun armen vind ik vrede, koortsig,
ik sluit mijn ogen voor de priemende zerk,
begeef mij te ruste in 't aardse bed ...

Petrus zal mij bij de hand nemen,
'k hoor in de verte reeds het krakend scharnier
van de hemelpoort, toegang tot het eeuwige,
waar het geluk wacht, zo lang verbeid ...

Nee, ga nu maar, laat mij de stilte,
bedek de vensters met fluwelen respect,
druk mij de ogen toe, en roep niet immer:
ach, toe vader, drink niet meer ...

Home.