Ben C. O. Grimm

Idealen


Author:		Ben C. O. Grimm
Title: 		Idealen
Published: 	1 December 1996
Newsgroups:	nl.eeuwig.september

Idealen

Idealen .. ach ja, idealen.

Idealen zijn mooi zolang men de verwerkelijking ervan niet nastreeft, of, zoals een bevriende filosoof-in-opleiding me eens toevoegde: "Een prachtige theorie moet je niet proberen te bewijzen of te falsificeren. Laat het nou gewoon een prachtige theorie blijven".

Voorzover idealen dan toch verwerkelijkt dienen te worden zou men dat niet aan de idealisten zelf moeten overlaten. Dat leidt maar tot utopistische dadendrang met schadelijke, want niet door feitelijkheden gehinderde toekomstscenario's. Alle grote idealen, of ze nou reizen onder de mantel van het communisme, christendom of het milieu, gaan uiteindelijk tenonder aan een te groot geloof in het eigen gelijk, en wat destructiever is, een ontkenning van de validiteit van tegengestelde standpunten.

Het belangrijkste kwade zaad ligt verborgen in de kern van altruisme die aan die idealen ten grondslag lijkt te liggen. Idealisten 'weten' hoe het verder moet met 'de wereld', waar we 'met zijn allen' naartoe moeten om deze wereld een beter oord te maken, waarbij aan 'beter' alvast voor allen een invulling is gegeven. Dat felle licht verblindt nogal, en voor je het weet wals je door de met liefde aangelegde moestuin van degenen die van die idealen niet willen horen. Terwijl de andijvie wordt vertrapt behelzen de excuses niet veel meer dan een verzuchting dat die schade wordt aangericht voor een doel dat de moestuin overstijgt. De egoist moet niet zeuren, want altruisme heeft voorrang.

Juist aan dat altruistisch gehalte van idealen valt nogal wat af te dingen. Ook altruisme is een ideaal, een niet te verwezenlijken utopie. Wie zich altruist noemt, of zijn daden baseert op altruistische grondslag, is meer dan iemand anders egoistisch geinspireerd. Het is een gevaarlijk soort egoisme, want ontkennend en zelfoverschattend. De altruist beweert niet uit eigenbelang te handelen, maar het welzijn van 'anderen', tot zelfs 'de mensheid' toe, voor ogen te hebben, en blaast daarmee zijn egoisme op tot mondiale proporties. Wat in de eigen geest met gouden glans voor elke kritische test slaagt wordt klakkeloos een wereldwijd geldend certificaat van juistheid overhandigd.

Vindt een dergelijke altruist medestanders, dan ligt de zelfbevestiging in de aanslag. Altruisten zijn groepsdieren bij uitstek, en daardoor nogal vatbaar voor sektarisme. Hoe meer de feiten zich tegen het eigen gelijk keren, des te meer wordt de groep zich bewust van de eigen identiteit. Het doel verwordt al gauw tot een heilig doel, waarnaartoe een lichtend pad kan worden uitgestippeld. Tegenkrachten worden gezien als conservatief, contraire meningen zijn een bewijs van het revolutionaire van het eigen denken. Idealisten vertalen dat als 'wakkerschudden' of 'bewustwording'. Wie een contraire visie heeft lijdt aan een vals bewustzijn, een gecorrumpeerde perceptie, heeft nog geen kennis genomen van de ware vormen.

Niets is echter zo corrumperend als idealisme. Het vreet aan de eigen kritische vermogens, het schept een nieuwe set grammaticale en spellingsregels, een nieuwe taal, een eigen, onaantastbaar vertoog. Dit laatste is niet voorbehouden aan de idealist. Ook niet-idealisten kunnen zich blindstaren op een visie die hen is opgedrongen in een periode van hun leven dat zij zich niet konden weren tegen systematische indoctrinatie, een indoctrinatie die niet met kwade bedoelingen is volvoerd; zij die indoctrineren zijn zich daarvan vaak niet bewust, want zij delen hun wereldbeeld mede aan de jongere generatie en kunnen of willen zich niet afvragen op welke grondslagen dat wereldbeeld rust. Het 'is' en het 'zal zijn'.

'Wereldbeeld' is eigenlijk een veel werkbaarder concept dan 'ideaal'. Idealen dragen een aura van vernieuwing en doorbraak met zich mee, maar zijn net zo oud en ingesleten als de menselijke eigenschap van het egoisme, of, meer algemeen, de dierlijke eigenschap van het zelfbehoud. Een zuivere egoist zal het niet ver brengen zonder te vervallen in een extreme vorm van autarkie, waarbij de levensverwachting niet erg hoog zal liggen. Een egoist beseft dat hij voor zijn voortbestaan gebruik zal moeten maken van de diensten van andere egoisten. Een slimme egoist zal de conclusie trekken dat de organisatie van egoisten met gelijke behoeften zal resulteren in een grotere slagkracht. Daar is niets mis mee, sterker nog, er valt geen waarde-oordeel toe te kennen aan dergelijk gedrag.

Bedenkelijk wordt het pas wanneer die georganiseerde egoisten hun belang van toepassing achten op allen. Hier wordt een ideaal geboren. De profijtelijkheid van de eigen organisatie wordt toepasselijk verklaard op andere gegroepeerde egoisten, op andere culturen. Zolang die andere groepen en culturen de vrijheid behouden om zich een breuk te lachen om die betweters is er niets aan de hand. Veel van dergelijke idealen sterven rustig uit; de oppositie is te groot, de volgende generatie knikt 'ja' en denkt 'neuh', of het felle licht blijkt niet in staat voldoende energie op te wekken om de kachel mee warm te stoken. Veel idealisten hechten aan warme voeten. Maar sommigen warmen zichzelf liever aan toenemend fanatisme, en blijven geloven in de calorische waarde van het revolutionair elan. Het zijn de idealen die de kille tegenwind overleven, die uiteindelijk de grootste destructie aanrichten. Het zijn idealen met weerhaakjes: op een zeker moment in de ontwikkeling is terugkeren op de schreden onmogelijk, omdat het ideaal zich als een luchtbel heeft genesteld in de idealist. Terugkeren naar de oppervlakte zou dodelijk zijn. Een idealist die in zijn ideaal is gaan geloven is vatbaar voor caissonziekte.

Vooruit dus maar, verder op het lichtend pad, desnoods met een kleine groep getrouwen, die zich de voorhoede of het revolutionair comite noemen. Wij vallen alvast aan, maar wij doen het uiteindelijk voor juliie, voor iedereen. Ooit zullen jullie zien dat wij gelijk hadden. De standbeelden worden alvast besteld. De stormtroepen vergeten echter dat zij niet veel meer kunnen dan pogo-en in een grote onverschillige massa. Voor het podium van hun helden botsen zij op elkaar als blinde atomen, maar hun vaart en energie worden gesmoord in de inerte massa van omstanders. Een paar rijen daarachter ziet men niet meer dan af en toe een geheven arm of een deinende kruin, en weer een stukje verder drinkt men rustig zijn bier en overstemt het gekeuvel het rumoer van de druktemakers daar vooraan.

Niet elke idealist kiest het pad van de revolutie. Een idealist met meer realiteitsbesef kan zijn ideeen kanaliseren via de publieke opinie of de politiek. De massa is echter niet minder inert en onverschillig, en het idealistische menu is vaak te rijk voor de matige eter. De grote onverteerbare brokken moeten direct van het bord, er moet een sausje bij de groente, en voor het toetje is geen ruimte, want de tegenstander heeft net bonbons en koekjes uitgedeeld. Manifesten dienen als placemats, en schotschriften als servetjes.

De revolutie slokt haar kinderen op, wordt wel eens beweerd, maar dat is maar een deel van het verhaal. Revoluties lopen vast in inertie, idealisten bijten zich stuk op andere visies op de realiteit, altruisten worden geconfronteerd met de conclusie dat hun altruisme niets meer is dan een extraverte vorm van egoisme, en hun idealisme een prachtige theorie, die men vooral moet opschrijven, maar niet moet nastreven.

Maar, hoor ik al tegensputteren, waar zou de wereld zijn zonder mensen die vechten voor hun idealen? Precies waar-ie vandaag is, alleen met een kleinere wapenindustrie.

Maar de milieu-activisten dan, die hebben er toch voor gezorgd dat de wereld schoner wordt? Nee, ze hebben een door de wetenschap gesignaleerd probleem bekend gemaakt. Dat is nuttig. Maar de grotere aandacht voor het milieu is niet de verwezenlijking van een ideaal, het is een gevolg van de bewustwording van de bedreiging van het voortbestaan van de eigen soort. De gevolgen van milieuvervuiling staan haaks op de wensen van de egoist, en worden om die reden aangepakt.

Iemand die toetreedt tot een sekte zal zich een idealist noemen, maar is bezig zijn egoistische motieven bot te vieren. Iemand die zo'n sekte bestrijdt uit daarmee zijn eigen afkeer van een opgelegd denkpatroon. Wie trouw geld gireert voor goede doelen is geen idealist, maar iemand die zijn ego geruststelt. Iemand die naar Zaire vertrekt om onder erbarmelijke omstandigheden oorlogsslachtoffers medisch te begeleiden is een egoist, die aan het verlenen van hulp gratificatie ontleent. Iemand die een kind verwekt om in dat kind voort te bestaan is een egoist, die zijn eigen portret aan de muur wil. Iemand die geen kinderen op de wereld wil zetten 'omdat dit geen wereld voor kinderen is' bespaart zichzelf toekomstige ellende, en beslist dat in een moeite door voor zijn kind. Iemand die euthanasie afwijst doet dat op grond van een verworven wereldbeeld, waarvan hij niet wil afwijken, omdat dat interne conflicten zou opleveren. Iemand die euthanasie voorstaat, wil een einde aan de pijn en het lijden van anderen, maar uiteindelijk ook aan dat van zichzelf. Een waarde-oordeel verbinden aan het bovenstaande is onzin. Het zou een be- of veroordeling van de menselijke aard zijn.

Zolang al die egoistische motivaties zich beperken tot het domein van het persoonlijke handelen is er niets aan de hand. Zo houdt elke soort zich in stand. Maar wie zijn egoistische motivatie onder het mom van altruisme en idealisme projecteert op anderen, en dus voor anderen wil bepalen dat euthanasie gewoonweg niet 'kan', dat een ontkenning van het bestaan van God niet 'mag', dat de normen van een ander niet 'juist' zijn, kortom wie zijn waarde-oordelen algemeen van toepassing verklaart, die is niets meer dan een doorgeschoten egoist met een blinde vlek voor wat de mensen werkelijk drijft.

Overtuiging, argumentatie, feitelijkheden. Daar moeten de bijna zes miljard ego's het mee doen. Wie voor zichzelf denkt en beslist is zich het snelst bewust van de beperkingen van zijn eigen handelen en zal uiteindelijk de echte altruist blijken te zijn. Uit noodzaak. En daardoor uit overtuiging.

Daarom, waarde Ace, deze reactie op het volgende statement:

Ik ben godverdomme een ontzettende idealist, realiseer ik me.  Ik wil
niet dat de gevestigde orde ermee wegkomt om wereldverbeteraars de mond
te snoeren, de kop in te drukken, enkel omdat ze de macht hebben om
diegenen die hun positie bedreigen onschadelijk te maken. En evenmin
wil ik dat de aanhangers de droom gebruiken om zelf de gevestigde orde
te worden, ik wil niet dat ze het ideaal overnemen, natekenen, als
schilderij aan de muur hangen en erop gaan staan in hun pogingen zelf
hoger te reiken.
Dit is inderdaad een idealistische verzuchting. Idealistisch, omdat datgene wat zich in je eigen denkbeelden als juist en rechtvaardigt manifesteert wenselijk wordt geacht voor een groter geheel. Iedereen zal dergelijke ideeen bezitten. Anco verzuchtte onlangs nog: "Als iedereen nou aardig voor elkaar zou zijn ...". Maar je denkbeelden druisen in tegen andere belangen. Er zijn niet alleen machthebbers, er zijn ontelbare personen die zich welbevinden bij een dergelijke status quo, die daarop hun veiligheid baseren, die aan de voorspelbaarheid van bestaande structuren hun plannen voor de toekomst kunnen bouwen. Voor deze machthebbers en aanhangers is het handhaven van hun positie ook een ideaal, en zij zullen proberen anderen voor dat ideaal te interesseren (en het zou merkwaardig zijn hen daarvoor te veroordelen). De mens is in het algemeen absoluut geen revolutionair, want revolutie impliceert onvoorspelbaarheid en, uiteindelijk, nieuwe machtsstructuren die anderen zullen bevoordelen. Pas wanneer bestaande structuren op grote schaal de aan die macht onderworpenen in hun persoonlijk wensen frustreren zal de kiem voor een omwenteling zijn gelegd, en die kiem ligt in egoistische motieven, niet in idealen. Elk idealistisch statement heeft een onzichtbare bijzin: " ... zodat IK .."
En toch is dat blijkbaar wat er gebeurt, als men eenmaal gemerkt heeft
hoe krachtig een ideaal is, hoe effectief het is om mensen mee op de
been te krijgen.  Wie de macht van dergelijke idealen heeft geproefd,
proeft blijkbaar ook de smaak van succes, van macht, van doelen
bereiken.  Gelijk is kostbaar goed, blijkbaar, en verrekte gevaarlijk.
Misschien is het veiliger als ik voortaan mijn mond maar houd.
Ik zou eens gelijk hebben.
Niemand heeft gelijk, maar wie gelijk krijgt zal dat koesteren en verdedigen tegen de volgende revolutionair en wordt daarmee een slachtoffer van zijn eigen ideaal. De idealistische beweging bevriest en consolideert zodra de macht is bereikt. De Chinezen vervloeken niet voor niets als volgt: "Mogen al uw wensen in vervulling gaan".

© Ben C. O. Grimm


Over dit onderwerp is ook een Engelstalig artikel in mijn blog te vinden.
Home.